In de Amsterdamse gemeenteraad wordt op 10 juni de Strategische Havenvisie besproken. In deze visie geeft het Havenbedrijf aan de komende jaren de benzine- en kolenoverslag verder te willen laten groeien. Volgens Amsterdam Fossielvrij is deze Havenvisie niet verenigbaar met een duurzaam beleid dat gericht is op het terugdringen van de wereldwijde uitstoot van C02.
Door Edwin Grooters en Sven Jense
De financiële risico’s van klimaatverandering voor de Amsterdamse haven worden structureel onderschat. Waar grote investeerders zoals het ABP steeds meer druk voelen om de fossiele industrie de rug toe te keren, houdt het Amsterdamse havenbedrijf in haar plannen geen enkele rekening met afnemende vraag naar steenkool en benzine, als gevolg van de wereldwijde transitie naar duurzame energiebronnen. Dat is voor de werkgelegenheid en toekomstige winstgevendheid van Europa’s grootste benzine- en op een na grootste steenkoolhaven funest. Aanstaande donderdag wordt het Strategisch plan voor de Amsterdamse haven besproken in de gemeenteraad.
De Amsterdamse haven is een belangrijke schakel in de wereldwijde handel in fossiele brandstoffen. De haven heeft de grootste benzineopslag ter wereld en is na Rotterdam de tweede kolenhaven van Europa. Per jaar wordt er ruim 18,5 miljoen ton kolen overgeslag
en en verhandeld. Tevens wordt er per jaar ruim 41 miljoen ton aan olieproducten verhandeld, voornamelijk benzine, diesel en kerosine. Bijna 76% van alle economische activiteiten die plaatsvinden in de haven zijn gerelateerd aan fossiele brandstoffen. Je kunt dus stellen dat de haven zonder deze activiteiten niet in zijn huidige vorm zou bestaan.
Wetenschappers waarschuwen echter dat grote delen van de wereldwijde reserves aan fossiele brandstoffen onder de grond moeten blijven, om meer dan twee graden opwarming te voorkomen. Deze week nog herhaalde de G7 dat, om de gevolgen van klimaatverandering te beperken, de wereldwijde temperatuurstijging onder de 2 graden moet blijven. Dit betekent dat wij de uitstoot van CO2 de komende decennia drastisch moeten verminderen.
Tot aan het jaar 2050 zal bijna 90% van de steenkoolreserves, meer dan de helft van alle gasreserves en ten minste een derde van de oliereserves niet ontgonnen of opgepompt kunnen worden. De waarde van deze bedrijven staat daardoor onder druk en de voorraden van de fossiele brandstof industrie dreigen dus gestrande activa te worden: een financiële zeepbel. Steeds meer experts waarschuwen voor deze koolstofbubbel. Zakenbank HSBC schreef onlangs; “The scale of ‘listed’ unburnable carbon revealed […] is astonishing.” Dit alles betekent dat de handel in fossiele brandstoffen de komende decennia drastisch zal afnemen, met grote gevolgen voor de Amsterdamse haven.
Bij het lezen van het Stategisch Havenplan en Strategische Visie blijkt dat het Havenbedrijf totaal niet is voorbereid op deze
realiteit. Sterker nog, in de plannen wordt alleen maar gesproken over allerlei groeiverwachtingen in de benzine en kolensectoren. De fossiele activiteiten in de Amsterdamse haven staan hierdoor op gespannen voet met het realiseren van internationale klimaatdoelstellingen en de economische koolstofbubbel.
De wens om de haven om te vormen tot een duurzame haven wordt regelmatig benoemd, maar nergens worden concreet uitgewerkte plannen gepresenteerd. Het Havenbedrijf kan hierbij een voorbeeld nemen aan de Rotterdamse haven, waar al verschillende onderzoeken zijn gestart naar de mogelijkheden van een transitie naar een duurzame haven met een kleinere rol voor fossiele brandstoffen. Het wordt hoog tijd dat het Amsterdamse Havenbedrijf, 100% eigendom van de Gemeente Amsterdam, serieuze plannen maakt voor een rendabele, fossielvrije haven.
Indien de stad Amsterdam de mondiale klimaatdoelstellingen serieus neemt zal zij op korte termijn actief aan een transitieprogramma moeten werken, waarin steenkool en andere fossiele brandstoffen uit de haven zullen verdwijnen. De stad moet laten zien dat zij haar eigen duurzaamheidsplannen serieus neemt door te werken aan een toekomstbestendige stad met een stabiele economie en werkgelegenheid.
Een fossielvrije haven is een van de vragen die een groeiende groep Amsterdammers (ondernemers, academici, kunstenaars) woensdag 10 juni voorlegt aan het gemeentebestuur. Zij vragen daarnaast de gemeente om directe investeringen in fossiele energiebedrijven te onderzoeken en voor zover aanwezig te verkopen (divesteren), het ambtenarenpensioenfonds ABP te vragen om hun aandelen in olie, kolen en gas te verkopen, en om te kiezen voor een bank die geen zaken doet met de fossiele industrie. Aansluiten kan op www.amsterdamfossielvrij.nl.
Edwin Grooters is communicatie/media adviseur, Sven Jense is filmmaker en politicoloog.